terug
Onderstaand artikel is gepubliceerd in: Trouw, 17-4-2004      
(bewerking van "Daadkracht is bij duurzaam ondernemen volkomen afwezig")      

Ondernemen kan duurzamer

door:
Gerard Oonk

Van de consument wordt verwacht dat hij bijdraagt aan duurzaam ondernemen. Dan moet de overheid wel het goede voorbeeld geven.

De Kamer debatteert maandag over duurzame ontwikkeling. Het gaat dan om het bevorderen van markttoegang voor producten uit ontwikkelingslanden, maar ook om verantwoord inkopen en aanbesteden door de overheid.

Aangezien de overheid jaarlijks voor ongeveer 30 miljard euro inkoopt en aanbesteedt kan ze een belangrijke bijdrage leveren aan duurzame ontwikkeling. Via een CDA-motie heeft de kamer vastgelegd dat de overheid een gedragscode zal opstellen. Tot vandaag is er echter geen aanpak voor verantwoord inkopen. Nadat voormalig staatssecretaris Wijn van EZ eind 2002 nog plechtig beloofde om medio 2003 met een plan van aanpak te komen, liet zijn opvolger Van Gennip de Kamer begin van dit jaar bijna terloops weten dat zij het dossier overdroeg aan het ministerie van VROM in het kader van het actieprogramma duurzame ontwikkeling. Na aandringen van de Kamer deed zij de belofte dat er in juli 2004 daadwerkelijk een plan ligt.
Het actieplan voor duurzaam inkopen is een zeer belangrijke testcase. De vraag is vooral hoe je meer toegang van arme landen tot onze markt combineert met maatschappelijk verantwoord ondernemen. Het stellen van eisen aan producten op het gebied van arbeid en milieu kan nieuwe drempels opwerpen voor producten uit ontwikkelingslanden. Maar afzien van verantwoord inkopen betekent het continueren van milieuvernietiging (neem hout voor de bouwsector) en slechte arbeidsomstandigheden (neem natuursteen voor bestrating van gemeenten of dienstkleding).
Een coherent beleid dat beide doelen combineert ontstaat alleen wanneer exporteurs in ontwikkelingslanden enige tijd en voldoende technische ondersteuning krijgen bij het verbeteren van hun arbeidsomstandigheden en milieuzorg. Per sector zouden de problemen geanalyseerd moeten worden. Pas wanneer alle partijen (van overheid, exporterende en importerende bedrijven tot maatschappelijke organisaties) bij elkaar zitten, kan aan oplossingen gewerkt worden, gebruikmakend van bestaande goede voorbeelden. Een van de mogelijke plekken voor zo'n aanpak is het nieuwe Kenniscentrum voor verantwoord ondernemen, dat eindelijk dit najaar van start lijkt te gaan.
Van de consument wordt verwacht dat deze een belangrijke bijdrage levert aan duurzaam ondernemen. Noodzakelijke voorwaarde is dan wel dat die weet waar en hoe de producten die hij koopt, zijn gemaakt. Vandaar het voorstel van de Consumentenbond om producenten te verplichten dergelijke informatie te verschaffen. De regering wil echter niet verder gaan dan het stimuleren van vrijwillige maatschappelijke jaarverslagen van bedrijven. Verslagen die voor de consument en geïnteresseerde burger onbruikbaar en te weinig concreet zijn. Het is onmogelijk op basis daarvan te zien of bedrijven internationaal verantwoord ondernemen. Hopelijk geeft de Kamer maandag blijk van duurzamer daadkracht.

Gerard Oonk is coördinator van de Landelijke India Werkgroep,
en woordvoerder van het MVO Platform, een samenwerkingsverband van 35 maatschappelijke organisaties.


Bovenstaand artikel is een bewerking van het artikel
"Daadkracht is bij duurzaam ondernemen volkomen afwezig".
Klik hier voor de originele tekst.


LIW in de pers Maatschappelijk verantwoord ondernemen HOME Landelijke India Werkgroep

Landelijke India Werkgroep - 19 april 2004