terug

Antwoord van de heer Bot, minister van Buitenlandse Zaken,
mede namens mevrouw Van Ardenne-Van der Hoeven, minister voor Ontwikkelingssamenwerking,
op vragen van het lid Tjon-A-Ten (PvdA) over discriminatie van kastelozen (Dalits) (ingezonden 15 september 2005)

Vraag 1
Hebt u kennisgenomen van het rapport “The Missing Piece of the Puzzle: Caste Discrimination and the Conflict in Nepal” van het Center for Human Rights and Global Justice (CHRGJ)1?
Antwoord
Ja.

Vraag 2
Deelt u de visie uit het rapport dat kastendiscriminatie een belangrijke oorzaak is van het conflict in Nepal, maar dat juist ‘kastelozen’ (Dalits), in het bijzonder vrouwen, hiervan het slachtoffer zijn?
Antwoord
De achtergronden van het conflict in Nepal zijn complex en hebben politieke en sociaal-economische elementen. De problematiek van kastendiscriminatie speelt daar zeker een rol bij. Dalits en Dalit-vrouwen in het bijzonder zijn als achtergestelde, kwetsbare groep ernstig getroffen door het conflict.

Vraag 3
Wat doen het Nederlandse Consulaat in Nepal en de Nederlandse Ambassade in India om kastendiscriminatie als mensenrechtenissue aan de orde te stellen bij respectievelijk de Nepalese en de Indiase regering?
Antwoord
Nederland heeft in Nepal geen beroeps-vertegenwoordiging. Het consulaat in Kathmandu staat onder leiding van een honorair consul en heeft als zodanig een beperkt mandaat dat zich hoofdzakelijk richt op consulaire dienstverlening. Daarnaast is het bilaterale ontwikkelings-samenwerkingsprogramma met Nepal medio 2004 overgedragen aan SNV. De Nederlandse contacten met de Nepalese overheid zijn derhalve beperkt. In contacten tussen vertegenwoordigers van EU-lidstaten in Kathmandu en de Nepalese overheid en in EU-verklaringen wordt regelmatig aandacht gevraagd voor de mensenrechtensituatie in Nepal, die na de machtsovername door koning Gyanendra op 1 februari jl. in het algemeen ernstig is verslechterd.
In India is in 2003, zij het moeizaam, een mensenrechtendialoog tussen de EU-ambassadeurs en de Indiase overheid op gang gekomen. Tijdens deze dialoog is de belangstelling aan Indiase zijde echter voornamelijk gericht op overleg en samenwerking in multilaterale fora. Bilaterale onderwerpen, zoals discriminatie van kastelozen, komen nog nauwelijks aan de orde.

Vraag 4
Welke prioriteit heeft de discriminatie van kastelozen als mensenrechtenissue in:
a.  Projecten en programma’s van onder andere SNV Nepal, de Europese Unie, de Asian Development Bank2, de Wereldbank3, UNICEF, UNDP en andere VN–organisaties?
b.  Politieke, culturele, economische en ontwikkelingsrelaties met landen in het bijzonder in Azië en Afrika waar dit probleem zich voordoet?4
Antwoord
De onderwerpen gender, sociale inclusie en etnische minderheden zijn onderdeel van de programma’s van SNV op nationaal en lokaal niveau. SNV doet thans onderzoek naar de sociaal-economische positie van Madhesi Dalits en een voorstel, gericht op verbetering van hun positie, is in ontwikkeling. Ook bij de ADB en UNICEF (via het “Decentralized Children and Women Development Programme”) staat sociale inclusie hoog op de agenda. De Europese Unie heeft via het Europees Initiatief voor Democratie en Mensenrechten (EIDHR) projecten geselecteerd in Nepal en Zuid-Azië die gericht zijn op concrete verbetering van de situatie van Dalits. De Wereldbank heeft een omvangrijke studie uitgevoerd naar sociale inclusie in Nepal. Dit rapport “Citizens with(out) Rights” moet nog worden uitgebracht. Ook in het “Poverty Reduction Strategy Paper” (PRSP) van Nepal wordt aandacht besteed aan sociale inclusie, met het doel arme en gemarginaliseerde groepen te bereiken met gerichte ontwikkelingsprogramma’s.

Vraag 5
Wat gaat Nederland doen met de aanbevelingen uit de zogenoemde Kathmandu Dalit Declaration5, die tijdens de brede ‘International Consultation on Caste–based Discrimination’ eind 2004 is aangenomen?
Antwoord
De Nederlandse regering heeft kennis genomen van de Kathmandu Dalit Declaration. Nederland zal zich ook dit jaar sterk maken voor veroordeling van kastendiscriminatie in de EU-toespraak met betrekking tot discriminatie tijdens de Derde Commissie van de Algemene Vergadering van de Verenigde Naties.

Vraag 6
Welke bijdrage gaat Nederland leveren om het werk van de twee Speciale Rapporteurs die de VN-Mensenrechtencommissie in april jl. unaniem heeft aangewezen voor het verrichten van grondig onderzoek naar kastendiscriminatie en het formuleren van richtlijnen ter bestrijding daarvan, succesvol te doen zijn?6
Antwoord
De Nederlandse regering heeft zich in april jl. ingespannen voor aanname van de MRC-resolutie die de benoeming van de twee Speciale Rapporteurs accordeert. In die resolutie wordt de Speciale Rapporteurs opgedragen in het kader van hun onderzoek een vragenlijst op te stellen en die ter beantwoording te sturen aan onder meer regeringen, NGO’s en relevante VN-organen. De Nederlandse regering zal, na ontvangst van deze vragenlijst, de beantwoording ervan voortvarend ter hand nemen.

Vraag 7
Kunt u een overzicht geven van (mede) door Nederland gesteunde initiatieven en programma's die de bestrijding van discriminatie van kastelozen hoge prioriteit geven?

Vraag 8
a.  Welke concrete maatregelen neemt Nederland om ervoor te zorgen dat de Millenniumdoelen óók bij kastelozen worden gerealiseerd in (mede) door Nederland gefinancierde programma's?
b.  Hoe wordt in het bijzonder het Millenniumdoel “Halvering van armoede” voor deze groep gemeten?
Antwoord
Zoals in antwoord op vraag 3 werd aangegeven, heeft Nederland geen bilateraal ontwikkelingssamenwerkingsprogramma meer in Nepal. Ook in India zal dit programma eind 2005 zijn afgebouwd. Wel steunt Nederland via de Europese Commissie het in mijn antwoord op vraag 4 genoemde Europees Initiatief voor Democratie en Mensenrechten (EIDHR)

Vraag 9
Bent u bekend met de door het International Dalit Solidarity Network geformuleerde zogenoem-de Ambedkar Principles? Welke maatregelen kan Nederland nemen om te bevorderen dat deze Ambedkar Principles in het kader van het MVO–beleid door Nederlandse bedrijven in de praktijk worden gebracht?7
Antwoord
Ja, de Ambedkar Principles zijn mij bekend. Deze landenspecifieke richtlijnen voor maatschappelijk verantwoord ondernemen worden door de EVD onder de aandacht van Nederlandse bedrijven gebracht die informeren naar ondernemen in Nepal. In het algemeen geldt dat de Nederlandse regering verwacht dat bedrijven conform de OESO-richtlijnen voor multinationale ondernemingen over de grens. Het Nationaal Contact Punt (NCP) stimuleert actief de naleving van de richtlijnen. Organisaties of individuen die menen dat Nederlandse bedrijven niet conform de richtlijnen handelen, kunnen dit voorleggen aan het NCP. Indien nodig kan het NCP met een eigen verklaring naar buiten treden.



1.  New York, 2005. Zie: http://www.nyuhr.org/nepalreport.htm.
2.  Zie website ADB: de ADB heeft Nepal tot 31–12–2005 US $2.2 miljard geleend. Nepal is nu bezig met Country Strategy Paper 2005–2009.
3.  Zie website World Bank: New Delhi, August 20, 2005: “The World Bank is ready to lend up to US$ 3 billion over the next three years to support a rural infrastructure program in India, called Bharat Nirman, especially to build roads, provide drinking water and establish irrigation facilities in Indian villages, mostly through state level projects.”
4.  Zie petitie 'Stop Kastendiscriminatie – Steun de Dalits!' van het Dalit Netwerk Nederland (CMC, Cordaid, ICCO, Justia et Pax en de Landelijke India Werkgroep): http://www.indianet.nl/dnnpetitie.html.
5.  Zie: http://www.idsn.org/KDD.pdf.
6.  Zie: http://www.indianet.nl/pb050420.html.
7.  Zie: http://www.indianet.nl/ambedkarprinciples.html.

Landelijke India Werkgroep - 3 oktober 2005