terug
Onderstaand artikel is gepubliceerd in: Nederlands Dagblad, 18-1-2006

door:
Gerard Oonk
Mensenrechten in India stimuleren


Premier Balkenende brengt van 18 tot en met 20 januari een bezoek aan India. In een open brief vraagt de Landelijke India Werkgroep (LIW) hem ook aandacht te schenken aan de positie van de armen en rechtelozen in het land dat een stormachtige groei doormaakt.

Geachte heer Balkenende,

Uw eerste bezoek aan India als minister-president zal u niet onberoerd laten. India is een fascinerend land dat bezig is aan een enorme economische opmars. Veertig jaar geleden gold het nog als een 'hopeloos hongerland', nu boezemt India ons soms zelfs vrees in. Steeds meer banen in de ICT-sector gaan erheen.

Het beeld van India als een moderne economie die de sociale problemen voortvarend oplost is eenzijdig. Ondanks de groeiende middenklasse van een vijfde van de ruim een miljard inwoners, leven nog honderden miljoenen mensen op de rand van het bestaan. De Dalits of 'kastelozen' zijn niet alleen arm maar ook slachtoffer van vernedering en geweld. Een aanzienlijk deel van de bevolking is ondervoed. Ruim negentig procent van de arbeiders in India werkt in kleine 'informele' bedrijven en heeft nauwelijks rechten.

Dat is geen toeval: de 'formele bedrijven', zowel Indiase als buitenlandse, besteden productie en dienstverlening bewust uit aan de kleine bedrijven en thuiswerkers om te bezuinigen op lonen en sociale lasten.

Op de dag dat u in India aankomt, gaan honderd miljoen kinderen van 6 tot 14 jaar niet naar school. Een groot deel van hen werkt, terwijl hun ouders te weinig werk hebben. Als die al werk hebben, verdienen ze vaak niet meer dan de helft van het officiŽle minimumloon van ťťn euro per dag.

Duurzaamheid

Bij uw bezoek aan India staat 'duurzaamheid' centraal. Dat biedt een uitgelezen kans om maatschappelijk verantwoord ondernemen in India te stimuleren. Uit eigen onderzoek van de Landelijke India Werkgroep blijkt dat er nog veel valt te verbeteren. De meeste Nederlandse bedrijven doen er nog weinig aan te voorkomen dat er bij hen geen arbeidsrechten worden geschonden of vermijdbare milieuschade wordt aangericht.

De Nederlandse overheid verwacht van Nederlandse bedrijven in het buitenland dat zij de Oeso-richtlijnen naleven. Dat zijn aanbevelingen op het gebied van arbeid, mensenrechten, milieu, corruptie, consumentenbelangen en eerlijk zaken doen. Ook wordt verwacht dat bedrijven onderaannemers aansporen die richtlijnen na te leven. Daar schort nog veel aan. Een groot probleem is dat uw regering te weinig de boer opgaat en laat merken dat bedrijven er niet mee wegkomen als ze richtlijnen negeren.

Juist in India kunt u duidelijk maken dat verantwoord ondernemen u aan het hart gaat. Nederland is daar een van de drie grootste investeerders en beÔnvloedt het leven van tienduizenden mensen. In uw gesprekken met Nederlandse bedrijven en hun Indiase partners kunt u vragen hoe zij de Oeso-richtlijnen in de praktijk brengen. Onder welke omstandigheden wordt ICT-werk uitbesteed? Welk loon verdient een landarbeider die werkt voor een Nederlands agribusiness bedrijf? Wat doen bedrijven om discriminatie van vrouwen en kastelozen te voorkomen? U kunt per bedrijfstak onderzoek doen naar schendingen van de richtlijnen en bedrijven die systematisch in de fout gaan uitsluiten van subsidies.

Kinderarbeid

Een helder standpunt over wat Nederland van zijn bedrijven in India verwacht, biedt u ook de ruimte om in gesprekken met de Indiase overheid naleving van arbeids- en milieuwetten aan de orde te stellen. Voor Nederlandse bedrijven wordt verantwoord ondernemen namelijk ook eenvoudiger als India zijn wetten beter handhaaft. Het is meer dan pijnlijk dat India de twee belangrijkste verdragen tegen kinderarbeid niet heeft ondertekend, terwijl ruim tweederde van alle landen in de wereld dat wel heeft gedaan.

U zult ongetwijfeld uitvoerig ingaan op wat men in Nederland verstaat onder 'multiculturele samenleving' ofwel 'eenheid in verscheidenheid'. Bij 'eenheid in verscheidenheid' mag echter niet onbesproken blijven hetgeen dit ideaal in India het meest bedreigt: de voortdurende discriminatie van bijna 200 miljoen Dalits. Ondanks goede wetten is deze vorm van 'apartheid' nog heftig aanwezig en faalt de overheid grotendeels bij het uitvoeren van haar eigen wetten en maatregelen.

India heeft een actieve beweging voor de mensenrechten van Dalits. Deze vraagt om solidariteit van de internationale gemeenschap, ingeroepen om de schending van hun mensenrechten een halt toe te roepen. Het Dalit Netwerk Nederland (DNN: CMC, Cordaid, ICCO, Justitia et Pax, Kerkinactie en de LIW) ondersteunt dit proces.

Wij vragen u met klem bij India aan te dringen op een krachtige uitvoering van haar wetten en maatregelen tegen kastendiscriminatie. Van een land als India dat terecht een belangrijke plaats opeist op het internationale vlak, mag verwacht worden dat het ook op dit punt zijn internationale verplichtingen nakomt.

Gerard Oonk

Gerard Oonk is directeur van de Landelijke India Werkgroep, die zich inzet voor de kansarmen in India. Dit is een verkorte versie van de brief, zie ook: Open Brief aan Minister-President Balkenende.


terug LIW in de pers Maatschappelijk Verantwoord Ondernemen HOME Landelijke India Werkgroep


Landelijke India Werkgroep - 18 januari 2006