terug
Onderstaand artikel is gepubliceerd in AziŽ, juni/juli 2007(www.aziemagazine.nl)

door:
Ad van Schaik

Maatwerk in Kerala



T-shirts, jeans, overhemden; veel kleding in Westerse winkels komt uit India. AZIň winkelt in Thiruvananthapuram of Trivandrum, de hoofdstad van de zuidelijke deelstaat Kerala.

Iedere stad in India kent een M.G. Road, een straat genoemd naar Mahatma Gandhi. In Trivandrum ondergaat deze winkelstraat een complete verandering. Kleine winkels gaan tegen de vlakte, grote glazen en marmeren paleizen komen daar voor in de plaats.
Grote delen van India gaan op dit ogenblik op de schop vanwege een snel groeiende economie. Niet alleen door de IT, maar ook door de export van kleding, waaronder veel katoen.
Nog altijd telt het land drie miljoen gezinnen die thuis met een weefgetouw wat bij verdienen. Daarnaast heeft India grote industriŽle weverijen. De textielindustrie verschaft direct en indirect werkgelegenheid aan 35 miljoen mensen.
Een goed winkel adres voor herenmode met Indiase top kwaliteit is de Raymond Shop, een Indiase winkelketen, met overal winkels gespecialiseerd in klassieke herenkleding.

Verkoopsters in geelkleurige sari staan zich te vervelen achter de toonbank. "Neen, ik wil geen overhemd uit de kast. Ik wil maatwerk." Daarom word ik doorgestuurd naar de eerste verdieping waar ik de hand schud van meesterkleermaker K. Narayan (37).
Ik ken de kwaliteit van dit atelier dat Pan o Ply heet en letterlijk uniform betekent. Drie jaar geleden liet ik me hier een kostuum aanmeten en enkele witte overhemden. De overhemden, inmiddels versleten, droeg ik met genoegen, het blauwe kostuum met krijtstreep draag ik nog altijd met veel plezier.
Narayan adviseert me eerst op de eerste verdieping stof te kopen voor de overhemden. Voor de aanschaf van de katoen voor een broek verwijst hij naar een andere winkel in de stad: Parthas.
Een kostuum hoeft dit jaar niet, maar verkoper Ganesh rekent me toch even voor dat zo'n maatpak van de beste wol op totaal 8100 rupees komt (€ 1 is circa 50 rupees).
IndiŽrs dragen hun kleren heel anders dan westerlingen en draperen de stoffen rondom hun lichaam. Tijdens de Britse overheersing leerden kleermakers westerse kleding maken. Nog altijd dragen de Indiase herenmodezaken en mode-artikelen Engelse namen, zoals Raymond, Jockey, Avenue, Park en Arrow.
Op de herenafdeling van Parthas, een winkel zoals je die in iedere Indiase stad vindt, koop ik eerst enkele boxershorts van het merk Jockey, 220 rupees per stuk, dan een paar witte T-shirts van hetzelfde merk, die per stuk 200 rupees kosten. Topkwaliteit voor een gunstige prijs.
Het leukst, vanwege het ritueel waarbij de rollen katoen voor je op de toonbank worden uitgerold, is de stoffenafdeling. Vreemd genoeg is er maar weinig keus in 100 procent katoenen stoffen, de mix met kunststof is duurzamer en daarom in India meer in trek. Na enig zoeken vindt de verkoper een stuk grijs katoen van bijna anderhalve meter voor een pantalon (290 rupees) en twee stukken wit katoen voor twee shirts voor samen 468 rupees.
Verder kies ik nog een zwarte wollen pullover van uitstekende kwaliteit voor 995 rupees en een zijden stropdas voor 400 rupees.

"Toen ik vijftien was, leerde ik het kleermakersvak van mijn vader," vertelt K. Narayan. We zijn op weg naar het atelier waar hij leiding geeft aan 40 kleermakers die het vak net als hij in de praktijk leerden. "Geen vrouwen," zegt hij. "Daarvoor is het vak te zwaar. Vooral door de traditionele loodzware strijkbouten."
De fans aan het plafond draaien op volle sterkte, toch is het warm; zo te zien hebben de kleermakers er geen last van. Ze werken zes dagen per week en krijgen stukloon. Een topprestatie is vier broeken per dag. Dat levert per broek 50 rupees op, een shirt 28 rupees en een kostuum 400 rupees.
Kerala kent sociale verzekeringen. Wie ziek is, krijgt 60 rupees per dag ziekenuitkering, voor medicijnen zijn de kleermakers met het hele gezin verzekerd voor 40 rupees per maand.
De werkomstandigheden op dit atelier zijn goed. Er is volop ruimte en door de openstaande ramen komt frisse lucht; het is geen sweatshop waar op iedere vierkante meter een naaimachine staat. Elke kleermaker heeft volop de ruimte. Goede arbeidsomstandigheden en het ontbreken van kinderarbeid op dit atelier zegt wat over dit deel van India.
Kerala is in vergelijking met veel andere Indiase deelstaten ontwikkeld; vrijwel iedereen kan er lezen en schrijven. De stad Kottayam gaat zelfs prat op 100 procent alfabetisme. Ook deze kleermakers gingen allemaal naar school.
In de hoek van het atelier liggen een paar gelezen kranten; ze weten wat er in de wereld te koop is, het zijn mondige werknemers. Wellicht zijn enkele lid van een van de communistische partijen in Kerala en de daarmee verbonden communistische vakbonden (communisme lijkt in India op socialisme).
Kerala was in 1957 het eerste gebied ter wereld waar op democratische wijze een communistische regering werd gekozen. Ook op dit ogenblik bepaalt een communistische regering het beleid. Het voordeel is dat de werknemers zelfbewust zijn en hebben leren opkomen voor hun rechten. Maar er zijn ook nadelen. In Kerala wordt op aanraden van de communistische vakbonden vaak gestaakt, te vaak zeggen Indiase economen. Veel buitenlandse bedrijven blijven daarom tot nu toe weg uit Kerala, bang als ze zijn voor te veel werkonderbrekingen.

Eenmaal buiten realiseer ik me dat het maken van bijvoorbeeld een broek in India de producent slechts een euro kost. Kun je nagaan wat de tussenhandel en de grote kledingzaken verdienen aan een broek waar in Nederland of BelgiŽ een prijskaartje van zeker 75 euro aanhangt.

Spreekverbod

Anders dan in het atelier van K. Narayan in Trivandrum, is het nog droef gesteld met de arbeidsomstandigheden bij kledingateliers in India. Lange werkweken, gedwongen overwerk, weinig loon, onwettige ontslagprocedures en verbaal en fysiek geweld tegen werknemers komen voor in de zogenaamde sweatshops.
De Schone Kleren Kampagne en de Landelijke India Werkgroep hebben in een internationale campagne uitgebreid aandacht gevraagd voor de beroerde arbeidsomstandigheden. De kritiek spitst zich ook toe op toeleveranciers voor bedrijven en merken als G-Star, Mexx, Ann Taylor, Armani, GAP en Guess.
Indiase arbeidsrechtenorganisaties hebben van de rechter in Bangalore voor onbepaalde tijd een spreekverbod opgelegd gekregen. De rechtbank heeft hiermee beslist in het voordeel van kledingfabrikant Fibre & Fabrics International (FFI).
FFI doet de meldingen door de arbeidsrechtenorganisaties af als laster, en diende op 28 juli 2006 een klacht in bij de rechtbank in Bangalore, met als gevolg een tijdelijk spreekverbod voor de klokkenluiders en in een later stadium een onbepaalde verlenging van het spreekverbod. Volgens De Schone Kleren Kampagne betekent dit een enorme tegenslag voor iedereen die zich inzet voor verbetering van arbeidsomstandigheden in de kledingindustrie in India.

Meer informatie: www.schonekleren.nl en www.schonekleren.be.


terug LIW in de pers Schone Kleding HOME Landelijke India Werkgroep


Landelijke India Werkgroep - 1 augustus 2007