terug
Onderstaand artikel is gepubliceerd in Nederlands Dagblad, 15-10-2007

door:
Gerhard Wilts

Kinderarbeid blijft schrijnen



In april 2005 trouwde een zus van Balamani (14) en Narsamma (11). Wat een onvergetelijk feest had moeten zijn, werd een repeterende nachtmerrie voor de Indiase meisjes. Om de bruiloft te betalen, hadden de ouders 4000 roepies (zeventig euro) geleend. Om de lening af te lossen, stuurden zij twee van hun dochters naar een katoenboer drie kilometer verderop om te werken op de katoenzaadvelden.



Sindsdien werken Balamani en Narsamma elk jaar van augustus tot november dag aan dag, van zeven uur 's morgens tot zeven uur 's avonds, op het land. Met een verdienste van 25 roepies (44 cent) per dag kan de aflossing nog heel lang duren.

De twee meisjes zijn niet de enigen. De organisatie Save The Children rapporteerde vorige week dat miljoenen kinderen blootstaan aan mishandeling. Ze krijgen geregeld geen of weinig voedsel, ze worden geslagen en vaak ook seksueel misbruikt.

De BBC berichtte dat het aantal werkende kinderen in India op zeker twaalf miljoen wordt geschat. Ongeveer 200.000 kinderen werken als slaafjes in huishoudens, in straatstalletjes en in de horeca, sectoren die - zoals gevaarlijke industriŽle sectoren eerder - op last van de overheid zijn gesloten voor werknemers onder de veertien jaar.Mensenrechtenorganisaties schatten overigens dat het werkelijke aantal kinderen in de vorig jaar gesloten sectoren zeker twintig miljoen is. In de gevaarlijke industrie (onder meer vuurwerk, lucifers en tapijtweverijen) zijn ook nog altijd vele duizenden kinderen actief.

In Nederland trok de Landelijke India Werkgroep (LIW) samen met vier andere organisaties aan de bel. Volgens LIW worden meer dan 416.000 kinderen onder de 18 jaar (van wie meer dan de de helft jonger dan 14 jaar) uitgebuit op de katoenzaadvelden van India.

"Zij zitten aan het begin van de keten van kleding en katoenproducten die ook in Nederland worden verkocht. Omdat zij tijdens het productieseizoen - dat nķ gaande is - niet weg mogen, gaat het in feite om kindslaven, merendeels meisjes", aldus LIW-woordvoerder Gerard Oonk.

De organisatie baseert zich op veldonderzoek in vier Indiase deelstaten door dr. Davuluri Venkateswarlu. Diens rapport bevat schrijnende verhalen over meisjes die verkracht worden en tieners die sterven als gevolg van inademen van pesticiden.

Indiase boeren schakelen op grote schaal kinderen in die voor een hongerloontje bezig zijn met het arbeidsintensieve handmatig kruisen van zaadplanten. De deelstaat Gujarat 'ontvangt' tienduizenden kinderen per jaar uit buurstaat Rajasthan. Deze kinderen wonen, ver van hun ouderlijk huis, in een schuur of koeienstal bij de boer. Zij zijn daardoor zeer kwetsbaar voor lichamelijk, psychisch en seksueel geweld.

Bij de aanpak van de kinderarbeid is het minimumloon een groot obstakel. De afnemers, waaronder multinationals als Bayer en Monsanto, betalen te weinig om de boeren volwassenen in dienst te laten nemen voor het officiŽle minimumloon (circa 1 euro) per dag. Boeren schakelen daardoor steeds meer over op goedkopere tieners.

De Tweede Kamer wil dat de Nederlandse regering tijdens het staatsbezoek van koningin Beatrix aan India (eind volgende week) de kinderarbeid aan de orde stelt. Dat gebeurde na Kamervragen van de ChristenUnie naar aanleiding van het LIW-rapport.

Balamani en haar zus Narsamma hopen dat aan hun harde bestaan een einde komt. "Ik was gelukkig toen ik naar school kon", zegt Balamani. "Altijd als ik kinderen van mijn leeftijd naar school zie gaan, voel ik dat ik iets belangrijks mis."

Daarmee slaat ze de spijker op z'n kop.



klik hier voor het rapport "Child Bondage Continues in Indian Cotton Supply Chain" van dr. Davuluri Venkateswarlu


terug LIW in de pers Kinderarbeid & Onderwijs HOME Landelijke India Werkgroep


Landelijke India Werkgroep - 15 oktober 2007