terug
Onderstaand artikel is gepubliceerd op RadioVisie.eu, 7-12-2007


Indiaas bedrijf boos omwille radioprogramma



Twee Indiase vrouwen worden vervolgd door het Indiase kledingbedrijf FFI vanwege hun uitspraken over de arbeidsomstandigheden in die fabriek in een uitzending van Argos van 8 juni 2007. Bij FFI (Fibres en Fabrics International) wordt onder meer kleding gemaakt voor het Nederlandse merk G-star.

Gisteren maakte G-Star bekend dat het de banden met de Indiase fabriek verbreekt. Het kledingmerk staat al maanden onder druk vanwege de kritiek op de arbeidsomstandigheden bij FFI en vanwege de agressieve methodes die het bedrijf gebruikt om critici de mond te snoeren.

Eerder deze week werd bekend dat acht Nederlanders, actief bij de Landelijke India Werkgroep, de stichting Schone Kleren Kampagne en internetprovider Antenna, zijn gedagvaard wegens smaad.

In de uitzending van Argos van 8 juni 2007 was Geeta Menon te horen. Zij is werkzaam bij ‘Stree Jagruthi Samiti’, een lokale vrouwenorganisatie en één van de negen Indiase mensenrechten- en vredesorganisaties die een ‘Fact Finding Team’ vormden om de klachten van de arbeiders over FFI te onderzoeken.

Menon zei in Argos: “De sfeer van onderdrukking viel af te lezen aan hun gezichten en de manier waarop ze spraken. Ze vertelden hoe ze waren mishandeld door één van de opzichters en door de manager. Een jongen werd afgeranseld terwijl hij was vastgebonden aan een stoel. Anderen spraken over scheldpartijen en bedreigingen.”

De andere aangeklaagde vrouw, Shakun Mohini, werkt bij ‘Vimochana’, een organisatie voor vrouwenrechten. Zij zei in Argos: “Als ze hun werk niet op tijd afhadden, als ze hun quota niet hadden gehaald, als ze vijf minuten te laat waren, als ze naar het toilet wilden, als ze een dag vrij vroegen… ze konden werkelijk overal voor worden geslagen.”

Karien van Gennip, CDA-Tweede Kamerlid en voormalig staatssecretaris van Economische Zaken heeft hierover gisteren schriftelijke kamervragen gesteld aan de minister van Buitenlandse Zaken. Ze maakt zich zorgen over de onwenselijke precedentwerking van een dergelijke aanklacht voor de positie van Indiase activisten voor mensenrechten.

Van Gennip vraagt daarom aan de minister de Indiase autoriteiten op de hoogte te brengen van deze zorg en het proces te volgen en waar nodig op te komen voor de rechten van de aangeklaagde vrouwen.

De strafzaak tegen de vrouwen dient op 10 januari in Bangalore, India.


terug LIW in de pers Schone Kleding HOME Landelijke India Werkgroep


Landelijke India Werkgroep - 7 december 2007