terug
Onderstaand artikel is gepubliceerd door De Dag, 27-5-2008

door:
Mees van der Made

Wie weet waar een kind aan werkt?


Te jong om te werken... In de textielindustrie van India werken veel kinderen.
(foto: Gerard Oonk)


Minister Verhagen wil dat de EU kinderarbeid gaat aanpakken, eventueel met een boycot. Maar hoe weet je of een product door kinderen is gemaakt?

Weinig mensen zullen voorstander zijn van kinderarbeid. Toch blijkt het lastig om te zorgen dat producten niet door kinderhanden worden gemaakt.
De wil om kinderarbeid te stoppen is er. Internationaal is er afgesproken dat alle kinderen in 2015 naar school gaan - dit is een van de VN-millenniumdoelen. In Nederland werd vorige week nog een motie van GroenLinks en de SP aangenomen, om zo snel een importverbod in te stellen voor spullen die door kinderen zijn gemaakt. Minister Verhagen van Buitenlandse Zaken kreeg de opdracht om een importstop te bepleiten in Brussel.

Spullen weren uit Europese markt
Het leek er op dat zo’n kinderarbeidboycot weinig Europese steun zou krijgen. Maar minister Verhagen blijkt zijn best te hebben gedaan. Gisteren werd bekend dat de Europese Commissie (EC) moet onderzoeken of spullen, gemaakt met de ergste vormen van kinderarbeid, geweerd kunnen worden van de Europese markt.
De EC moet bovendien met de betrokken landen gaan onderhandelen, onderzoek doen naar een mogelijk boycot en kijken naar wat bedrijven zelf kunnen doen tegen kinderarbeid.
Een prachtig streven, zeggen kinderarbeidkenners, maar hoe ga je zoiets doen? Want rond kinderarbeid zijn nog veel vragen onbeantwoord. Dat het bestaat is wel een gegeven. Volgens de ILO, de Internationale Arbeidsorganisatie van de Verenigde Naties, werken er wereldwijd ongeveer 218 miljoen kinderen. Van hen is ongeveer 70 procent werkzaam in de agrarische sector, bijvoorbeeld als katoenplukker.
Moeilijker te beantwoorden is welk product door kinderhanden is gemaakt. ‘Vaak besteden fabrieken hun werk weer uit aan zogeheten subcontractors’, vertelt Sofie Schop van de Nederlandse Fair Wear Foundation, die controleert hoe kledingmerken hun producten maken. ‘Wij hebben nu de capaciteit om fabrieken de inspecteren, maar wat daarbuiten gebeurt, is lastiger te controleren.’ Ook de Schone Kleren Kampagne, een organisatie voor duurzamere kleding, kijkt alleen naar de assemblage, het aan elkaar naaien van kleding, en niet naar het proces dat daaraan vooraf gaat.

Haken en ogen aan boycotten
Lange productieketens zijn een groot probleem bij de aanpak van kinderarbeid. De kledingverkoper in de Nederlandse winkel zal geen kind zijn. En toezicht op fabrieken is vaak ook nog mogelijk. Maar wat als de kledingfabriek sommige taken uitbesteedt? En wie heeft eigenlijk het katoen geplukt waar de kleren van zijn gemaakt?
En bedrijven dan?

Verschillende bedrijven doen hun best om kinderarbeid te vermijden, al is een '100 procent kindvrij-garantie' niet altijd te geven. 'Ja, soms is het lastig, maar als bedrijf heb je gewoon een verantwoordelijkheid je productieketen te kennen', zegt Bernedine Bos van MVO Nederland, een organisatie die bedrijven adviseert op gebied van duurzaamheid. 'Niet altijd is het kinderwerk direct uit te bannen. Maar zoek dan naar een goede, lokale oplossing', adviseert Bos bedrijven. 'Kijk of kinderen anders eerst een dagdeel werken en daarna naar school kunnen. Of zorg, in het uiterste geval, dat je zelf die kinderen opleid binnen je bedrijf.'

‘Het merendeel van de kleding in Nederland is nog altijd gemaakt met kinderarbeid, ook de duurdere merken’, stelt Jetteke van der Schatte Olivier, internationaal coördinator van de campagne Stop Kinderarbeid. ‘Bij de katoenproductie zijn heel veel kinderen betrokken. Ook werken er veel jongeren in naaiateliers.’
Of er uiteindelijk kinderen hebben meegewerkt aan een product, blijft zo lastig te achterhalen. Gerard Oonk, directeur van de Landelijke India Werkgroep (LIW) en betrokken bij de campagne Stop Kinderarbeid, is blij dat de EU aandacht heeft voor kinderarbeid. ‘Maar een boycot? Dat heeft veel haken en ogen. Hoe ga je dat doen? Neem de tapijtproductie - daar werken kinderen. Ga je de hele sector boycotten? Doe je het per bedrijf? Je loopt met een boycot het gevaar dat ook werkgelegenheid van volwassenen verloren gaat. Waardoor zij zelfs misschien hun kinderen aan het werk moeten zetten.’
Daarom zijn zowel de LIW, Stop Kinderarbeid, Fair Wear, als de Schone Kleren Kampagne tegen een boycot. Bovendien, zo argumenteerde kinderarbeidsonderzoeker Kristoffel Lieten onlangs, werken de meeste kinderarbeiders voor productie in eigen land en niet voor de export, waardoor een EU-boycot een beperkt effect zou hebben.
Als alternatief voor een boycot zijn er net zoveel oplossingen als er problemen zijn. Door oudere arbeiders beter te betalen, zullen zij hun kinderen niet naar de fabriek sturen. Hoe beter het onderwijs, hoe aantrekkelijker school wordt in vergelijking met werk. En bedrijven moeten meer openheid geven in hun productieproces, zodat consumenten ook beter kunnen kiezen voor duurzame producten.
‘Maar ook politieke druk kan geen kwaad’, zegt Oonk. ‘Sinds de VS hebben gezegd een lijst te gaan maken met kinderarbeidproducten, gaat India ineens beter op kinderarbeid letten. Ik heb geen idee hoe Amerika die lijst precies wil maken. Maar het helpt nu al een beetje.’

Zie ook:
Onderzoek naar kinderslavernij in China (De Dag, 1-5-2008)
Dit is géén kinderarbeid (De Dag, 20-8-2007)


terug LIW in de pers Kinderarbeid en Onderwijs HOME Landelijke India Werkgroep


Landelijke India Werkgroep - 27 mei 2008