terug
Onderstaand artikel is gepubliceerd in: NIO Kroniek 35, november/december 1984      

Schoo wacht met publikatie inspektierapporten:

Beoordeling NCO valt te positief uit

door:
Rogier van 't Rood

De Nationale Commissie voorlichting en bewustwording Ontwikkelingssamenwerking (kortweg NCO) ligt zwaar onder vuur van minister Schoo en de VVD. De minister is van plan de NCO-begroting van veertien miljoen gulden met twee miljoen te korten. Weisglas (VVD-Tweede Kamerlid) typeert dit voornemen elders in dit nummer als een goed begin dat zou moeten leiden tot opheffing van de NCO. Ook zijn fraktiegenoot Terpstra vindt dat deze 'door links geïndoktrineerde klub' moet verdwijnen. Op welke informatiebronnen de VVD-politici zich baseren is de vraag. In elk geval niet op de beoordelingsrapporten die door de ministeriële Inspektie Ontwikkelingssamenwerking te Velde zijn opgesteld, want die worden alsmaar niet gepubliceerd. Terwijl het een publiek geheim is dat deze rapporten zich positief uitspreken over door de NCO gesubsidieerde aktiviteiten.

De NCO werd destijds ('Commissie Claus') opgericht om met subsidies kleine groepen te steunen die werkten aan de bewustwording van de Derde Wereldproblematiek, in Nederland. Deze groepen verzorgen onder meer voorlichting en ontwikkelen scholingsaktiviteiten. Voorbeelden zijn uiteenlopende organisaties als de Vereniging van Wereldwinkels en de Christelijke Plattelandsvrouwen Bond.
Er vindt kontrole plaats op de besteding van de door de NCO beschikbaar gestelde gelden. De Inspektie Ontwikkelingssamenwerking te Velde (IOV), een onderdeel van het ministerie van minister Schoo, bezoekt de verschillende gesubsidieerde groepen en rapporteert over haar bevindingen aan de minister. Inmiddels hebben er acht van dergelijke onderzoeken plaatsgevonden. Wil men een goed beeld krijgen van de bekritiseerde NCO-aktiviteiten, dan lijkt het toch een eerste vereiste van deze rapporten kennis te nemen. Dat blijkt echter een groot probleem te zijn.

Koddige toestand
NCO-voorzitter Roethof, zeer druk in de weer voor het behoud van zijn commissie, is erg boos op de minister. Over de acht gereedliggende rapporten van de IOV is nog niets gepubliceerd. Hij typeert deze situatie als een koddige toestand. De rapporten mógen namelijk niet gepubliceerd worden van de minister. Dit staat in schril kontrast met haar toezegging aan de Tweede Kamer, vorig jaar november, dat samenvattingen van IOV-rapporten naar het parlement gezonden zullen worden. Waarom geen openheid over NCO-aktiviteiten? Komt dat de minister nu niet goed uit?
Het beleid van de minister ten aanzien van de NCO lijkt weinig konsistent. Dit blijkt ook uit de volgende gedragswijze. Schoo zond deze zomer een brief aan de NCO. Daarin toonde zij zich zeer ingenomen met het NCO-jaarplan. De week voor Prinsjesdag echter bereikten Roethof geruchten dat de minister de NCO-begroting wilde korten. Een brief waarin om opheldering werd gevraagd werd telkens, ondanks navraag, maar niet beantwoord. Totdat de NCO-voorzitter via de Telegraaf moest vememen over de op handen zijnde korting. 'Dit is te droef', aldus de eufemistische reaktie van Roethof.
Terug naar de inspektierapporten. Volgens het NCO-sekretariaat is de laatste serie rapporten formeel nog niet afgerond, maar zijn de konklusies daaruit al wel bekend. De NCO heeft geen enkel bezwaar tegen een openbaarmaking van de rapporten. Dat zou zelfs toegejuicht worden.

Onfrisse verdachtmakingen
Publikatie van inspektierapporten zou de diskussie rond de NCO een heel wat zindelijker verloop kunnen geven. Eén 'verkeerde scheet' wordt direkt door de Telegraaf opgemerkt en in het geweer gebracht tegen de NCO. Alleen volledige openbaarheid kan onfrisse verdachtmakingen tegen de Commissie ontzenuwen. Dat is de mening van een medewerker van de Landelijke India Werkgroep. Deze organisatie behoort, samen met de Vereniging van Wereldwinkels en de Christelijke Plattelandsvrouwen Bond, tot de drie subsidie-ontvangers over wie de rapportage formeel nog niet is afgerond, maar waarover de konklusies al wel bij de minister liggen.
Hoe verliep de inspektie? In juli 1983(!) werd de Werkgroep grondig geïnspekteerd. Er vonden uitvoerige gesprekken plaats met de verschillende groepen die van de Werkgroep deel uitmaken, en met het bestuur. Korte tijd later deed de IOV mondeling verslag. De rapporteur bleek uiterst positief te staan tegenover de besteding van de subsidiegelden. Een koncept-rapport werd ter hand gesteld aan de NCO, die het nog met vertegenwoordigers van de Werkgroep doornam. Er is echter nooit sprake geweest van enige schriftelijke rapportage achteraf aan de direkt belanghebbenden.
Hetzelfde verhaal geldt voor de Vereniging van Wereldwinkels. Het mondeling IOV-verslag was zeer lovend: de mensen worden op optimale

Dwarsliggers Weisglas en Terpstra temidden van hun fraktie.
wijze bereikt, de kaderbegeleiding werd als positief ervaren. Ook deze rapportage is noch schriftelijk onder ogen gekomen van de Vereniging van Wereldwinkels, noch openbaar.
Rapportages over de Christelijke Plattelandsvrouwen Bond en de Werkgroep KAIROS bleken ook al positief uit te vallen. Niemand zegt overigens van enige negatieve rapportage met betrekking tot NCO-aktiviteiten af te weten.

Geen kommentaar
Rapporten van de IOV komen niet of nauwelijks naar buiten, aldus Theo Ruyter (medewerker PPR-fraktie). Hij nam zelf ooit deel aan een inspektiemissie naar Afrika. Voorzover hem bekend is alleen over dat onderzoek in verkorte vorm iets gepubliceerd.
Volgens Ruyter kunnen zonder openbaarheid de effekten van de besteding van ontwikkelingsgelden niet goed gemeten worden. Dat is slecht voor de hulp. Het argument dat negatieve rapporten sommige mensen kwetsbaar kunnen maken doet hij af als onzinnig. Dan handhaaf je ten aanzien van personen de vertrouwelijkheid. De algemene bevindingen moeten wel naar buiten komen.
Een IOV-woordvoerder wil geen kommentaar op de inhoud van rapporten geven. Het enige dat hij wel kwijt wil is dat een hoop oorzaken debet zijn aan de trage wijze van rapporteren. De minister ziet wel vroegtijdig de koncepten, maar de eindrapportage kan door prioriteitenafweging op zich laten wachten. De Inspektie voorziet volgens hem de NCO niet van voorlopige konklusies.
In het uit 1982 daterende 'profiel' van de Inspektie staat dat 'Rapporten over de bevindingen van inspektiemissies worden geschreven in grote openhartigheid en duidelijkheid (..) Deze direktheid is slechts mogelijk indien de rapporten uitsluitend ter kennis komen van een kleine kring'. De kring der direkt belanghebbenden, zoals de NCO, wordt echter buitengesloten.
Een koddige toestand...

In het volgende nummer van de Kroniek verschijnt over de openbaarheidsproblematiek een interview met het hoofd van de IOV.




LIW IN 'T NIEUWS

Maatschappelijk verantwoord ondernemen

Kinderarbeid & Onderwijs

HOME Landelijke India Werkgroep

Landelijke India Werkgroep - 30 november 2004