terug
Onderstaand artikel is gepubliceerd in: Aktiekrant 'Honger Hoeft Niet', 11-19 april 1986      

Blijft EG concurrent voor Indiase boeren?

Blijft EG concurrent voor Indiase boeren? Het landbouw- en voedselhulpbeleid van de Europese Gemeenschap (EG) heeft negatieve gevolgen voor miljoenen boerengezinnen in India. Mede door dit beleid is een vicieuze cirkel van zuivelhulp en veevoerimporten tussen India en de EG ontstaan, die vooral ten koste gaat van de kleine melkveehoud(st)ers en India afhankelijk maakt van buitenlandse zuivelimporten.
Dit zijn enkele conclusies uit het boek 'India als melkkoe van de EG', dat de Landelijke India Werkgroep onlangs uitgebracht heeft. Het boek baseert zich op een groot aantal studies van onafhankelijke Indiase wetenschappers en de meningen van diverse Indiase maatschappelijke organisaties.


Al vijftien jaar krijgt India ongeveer een kwart van alle EG-zuivelhulp voor het nationale zuivelprogramma Operatie Vloed. Officiële doelstellingen waren onder meer het inkomen van kleine melkveehoud(st)ers te verhogen en India in 1985 zelfvoorzienend in melk te maken. In feite concurreert de EG-zuivelhulp deels met de verse melk van Indiase boer(inn)en en is de Indiase afhankelijkheid van zuivelimporten blijven bestaan. Toch exporteert India, terwijl ter plekke een groot tekort is, veel hoogwaardig veevoer naar de EG, waarvan een groot deel naar Nederland. Met dit veevoer zou India zes tot tien maal zoveel melk kunnen produceren als het nu via de zuivelhulp krijgt. Dat gebeurt onder meer niet omdat zuivelhulp de Indiase melkprijs drukt en veevoerexport de prijs van krachtvoer doet stijgen. Voor Indiase melkveehoud(st)ers is het daardoor onrendabel om hun vee beter te voeden.
De EG-zuivelhulp bevordert ook sterk de produktie van luxe zuivelprodukten, waaronder met name babymelkpoeder voor flesvoeding. De Indiase zuivelindustrie houdt zich niet aan de bestaande internationale en Indiase codes ter bescherming van borstvoeding, Dit gaat ten koste van de gezondheid van honderdduizenden babies.
In het kader van Operatie Vloed wordt eveneens een groot aantal kruisingen van Indiase koeien met westerse melkveerassen uitgevoerd. Een (groter) tekort veevoer en de voor de landbouw uiterst belangrijke dierlijke trekkracht zal daarvan het gevolg zijn. Dit gaat niet alleen ten koste van arme consumenten en melkveehouders, maar verstoort ook de ecologisch aangepaste vermenging van veeteelt en landbouw in India.
Positief aan Operatie Vloed is dat de zuivelhulp wordt gebruikt om een coöperatieve zuivelsector op te bouwen. Het zijn echter vooral de consumenten met de hogere inkomens in de steden en de grotere boeren die daarvan profiteren. Voor kleine boer(inn)en en landloze arbeid(st)ers geldt dat in veel mindere mate. In India zorgen vooral vrouwen voor het vee. Meestal is de man echter lid van de zuivelcoöperatie en int hij het zuivelinkomen. Binnen Operatie Vloed wordt het meeste geld besteed aan de bouw van tientallen grootschalige melkfabrieken, waardoor vooral vrouwelijke werkgelegenheid (boterproduktie) en voeding voor kinderen (karnemelk) in de dorpen verloren gaat.




LIW IN 'T NIEUWS

Maatschappelijk verantwoord ondernemen

Kinderarbeid & Onderwijs

HOME Landelijke India Werkgroep

Landelijke India Werkgroep - 12 augustus 2003