terug
Onderstaand artikel is gepubliceerd in: onzeWereld, juli/augustus 1990      

Regering Singh verstrikt in geweld

Wat zijn de belangrijkste resultaten van de nieuwe Indiase regering van premier Vishwanath Pratap Singh, een half jaar na de verkiezingsoverwinning op Rajiv Gandhi en zijn Congrespartij? Het separatistische geweld in de deelstaten Punjab, Assam en niet te vergeten Kashmir is erger dan ooit. Hoe hard India zijn best ook doet de verhoudingen met buurlanden Nepal, Sri Lanka en zelfs China te verbeteren, de relaties met westerbuur Pakistan zijn vanwege Kashmir op een absoluut dieptepunt beland. Maar op het sociaal-economische vlak gloren wat lichtpuntjes.

'Complexe situaties vragen complexe antwoorden.' Zo luidt steevast het antwoord van de 58-jarige premier als gemord wordt over het ontbreken van een duidelijke politiek. Als een van zijn meest gedecideerde acties geldt het ontslaan van Jagmohan, de zeer omstreden gouverneur van Kashmir. Een dag na diens benoeming op 19 januari startte de nieuwe gouverneur met massale huiszoekingen, die een kettingreactie van demonstraties en roep om vrijheid in gang zetten. Jagmohans ontslag volgde nadat Indiase veiligheidstroepen op 21 mei bij de begrafenis van de vermoorde moslimleider Moulvi Farooq 57 Kashmiri's hadden gedood. Het optreden van die veiligheidstroepen wordt, behalve door afscheidingsbewegingen als het JKLF (het Jammu en Kashmir Bevrijdingsfront), fel aangeklaagd door een groep Indiase mensenrechtenorganisaties. In maart en april vaardigden de vier organisaties, waaronder de People's Union for Civil Liberties en de Citizens for Democracy, een gezamenlijk team af naar Kashmir, de enige deelstaat met een moslimmeerderheid. In hun rapport hekelt het onderzoeksteam ook het maandenlange, bijna onafgebroken uitgaansverbod dat sinds 20 januari in de hoofdplaats Srinigar en andere grote steden in de vallei van kracht is: 'Het resultaat is dat het openbare leven totaal is ontwricht. Winkels gaan nauwelijks open, banken, scholen, gerechtshoven enzovoort blijven dicht en er wordt geen post bezorgd.' Het rapport concludeert dat 'de hele moslimbevolking van de Kashmirvallei geheel en al vervreemd is van India en dat dankzij de uiterst repressieve politiek die door de regering de laatste maanden is gevoerd hun vervreemding nu omgeslagen is in bitterheid en woede. Het is erg moeilijk onder de meerderheid van de moslims iemand te vinden die niet hartstochtelijk volledige onafhankelijkheid van India wenst.' Daarbij wordt verwezen naar een referendum dat premier Nehru in een onbewaakt ogenblik in het vooruitzicht had gesteld, gevolgd door een VN-resolutie van die strekking in 1948. Overigens zijn de meeste afscheidingsbewegingen, waaronder het JKLF, beslist niet voor aansluiting bij Pakistan. Noch zeggen ze een exodus van de hindoeïstische Kashmiri's te wensen.
Maar het verlenen van onafhankelijkheid aan Kashmir botst met de idealen van India als seculiere staat. Alle Indiase politieke partijen zien de enige deelstaat met een moslimmeerderheid als dé vuurproef voor het behoud van de Unie van India. Op Indonesië na telt India overigens met honderd miljoen islamieten de grootste moslimbevolking (honderd miljoen) ter wereld.

Kashmir en de spanningen met Pakistan zijn niet de enige brandhaarden. Er is weer toenemend separatistisch geweld in de deelstaten Punjab en Assam. Op 7 december, nauwelijks een week na zijn aantreden, bezocht Singh de Gouden Tempel van de Sikhs. Daarbij wekte hij de verwachting dat hij een regeling met militante Sikhs zou treffen. Sinds 1981 staat de deelstaat onder direct federaal bestuur, in april voor een half jaar verlengd door het Indiase parlement. Singhs grootste handicap, die hem uiteraard ook bij andere beslissingen parten speelt, is dat hij aan het hoofd staat van een minderheidsregering. Zijn eigen Nationaal Front-coalitie heeft slechts 144 van de 525 zetels in het parlement. Hij is voor steun aangewezen op de fundamentalistisch-hindoeïstische Bharatiya Janata Partij (BJP) en twee communistische partijen. De BJP is tegenstander van enige concessie aan de Sikhs en eist juist een krachtig optreden tegen het geweld. Ook Singhs eigen Janata Dal-partij wordt geteisterd door interne strubbelingen en machtsstrijd.

Recht op werk
Op het gebied van de economie heeft de Indiase regering aangekondigd het liberaliseringsproces voort te zetten. Zo zijn buitenlandse investeringen mogelijk als het buitenlandse aandeel niet meer dan veertig procent bedraagt.
Daarnaast zijn belangrijke sociaal-economische beleidsvoornemens gelanceerd: 'recht op werk' is een van de centrale doelstellingen van het achtste Vijfjarenplan (1990-1995), dat uitgaat van een jaarlijkse groei van 5,5 procent.
Het aantal banen moet de komende vijf jaar met drie procent toenemen om daarmee de groeiende beroepsbevolking (vijftien miljoen per jaar) op te vangen. De Indiase regering wil het 'recht op werk' voor iedereen garanderen via specifieke ontwikkelingsprogramma's.
Volgens particuliere organisaties als het door Novib gesteunde Young India Project (YIP), zouden vooral werkloze armen op het platteland van het nieuwe werkgarantie-programma moeten profiteren. Op een nationaal congres dat eind april over dit onderwerp in New Delhi werd gehouden concludeerde YIP dat recht op werk als fundamenteel recht voor iedereen onmogelijk door de Indiase regering gegarandeerd kan worden. Het zou volgens haar beter zijn als de Indiase regering zich zou richten op het haalbare: een nationaal werkgarantieprogramma voor armen op het platteland volgens het model dat al in de deelstaat Maharashtra wordt gehanteerd. Het grootste deel van de mensen die in India onder de armoedegrens leven zijn landarbeiders die met werkloosheid en extreem lage lonen te maken hebben. Zij maken circa veertig procent deel uit van de plattelandsbevolking.
De Landelijke India Werkgroep heeft in een brief aan minister Pronk voorgesteld met de Indiase regering te overleggen over de mogelijkheden het nieuwe werkgelegenheidsbeleid voor arme plattelandsbewoners te ondersteunen. Dit najaar hoopt de actiegroep de campagne 'Werk tegen armoede' van start te laten gaan.

W.v.R.




LIW IN 'T NIEUWS

Maatschappelijk verantwoord ondernemen

Kinderarbeid & Onderwijs

HOME Landelijke India Werkgroep

Landelijke India Werkgroep - 22 augustus 2003