terug
Onderstaand artikel is gepubliceerd in: Internationale Samenwerking, april 1993      

LIW wil werkgarantie in heel India

Arbeiders in Maharashtra hebben recht op werk

door:
Brigitte Ars

Werkloos, of een extreem laag loon, geen eigen grond en slachtoffer van sociale en economische discriminatie. Dat is de schrijnende situatie waarin naar schatting 250 miljoen landarbeiders en hun gezinnen op het Indiase platteland zich bevinden. Hoewel hun toestand wanhopig lijkt, is er ook voor deze landarbeiders nu een sprankje hoop op een menswaardig bestaan. De afgelopen jaren is een toenemende pressie van vakbonden en particuliere organisaties op de Indiase overheid om de landarbeiders recht op werk te geven. Ook Ontwikkelingssamenwerking buigt zich over een plan om werkgarantieprogramma's te steunen. De eerste stappen zijn gezet.

Het idee van werkgarantie komt niet uit de lucht vallen. In de westelijke deelstaat Maharashtra bestaat al twintig jaar het vrij succesvolle Employment Guarantee Scheme (EGS). Elke werkloze landarbeider heeft wettelijk recht op een baantje tegen minimumloon in openbare werken van de deelstaatregering. Tenminste als er geen andere arbeid beschikbaar is, zoals in het oogstseizoen. Is er geen baan, dan krijgt hij of zij een kleine uitkering van een paar roepies.
De overheid zorgt voor arbeidsintensieve projecten, die niet alleen de landarbeiders aan de slag helpen, maar bovendien gericht zijn op economische groei. Produktieve investeringen zoals irrigatiewerken, bodembeheer, landverbetering, herbebossing, aanleg van plattelandswegen en de bouw van huizen moeten ook op de lange termijn voor werk zorgen. Zo moet het programma zich op den duur overbodig maken.
Het EGS heeft tot dusver ruwweg een miljoen mensen gemiddeld zes maanden per jaar werk bezorgd. Opvallend genoeg zijn tweederde van de arbeiders vrouwen. Dat komt waarschijnlijk omdat het werk vooral binnen een straal van vijf kilometer van de woonplaats wordt aangeboden. Mannen zijn minder aan huis gebonden en kunnen daardoor verder weg naar lucratiever werk zoeken. De werkgarantieprojecten betalen minder dan het minimumloon. Voor veel vrouwen is een voordeel dat er vaak kinderopvang bij het werk is. Onderzoek van de International Labour Organisation heeft bovendien aangetoond dat de deelnemers een hoger inkomen krijgen dan land lozen die zelf via losse arbeid aan de kost proberen te komen. Dat geldt voor vrouwen. En uit een publikatie van de Wereld Bevolkingsraad blijkt dat 'garantiegezinnen' gemiddeld minder kinderen op de wereld zetten.
Werkgarantie brengt nog andere gunstige effecten met zich mee, zo zei B.N. Rajhans, voorzitter van de Indiase vakbond HKMS, tijdens een toespraak. "Het helpt de armen op het platteland om zich te organiseren en hun invloed op nationale ontwikkelingen te vergroten. Aangezien armen van verschillende kasten samen werken, samen eten en water drinken uit dezelfde bron, zal dit bijdragen aan hun sociale mobiliteit en integratie."

Bureaucratie
Natuurlijk heeft het EGS naast al deze positieve kanten ook zijn gebreken. De werkloosheid is ondanks de werkgarantie pas met een derde verminderd. Soms worden projecten door slechte planning voortijdig opgedoekt. En ook de betaling laat door de logge bureaucratie soms lang op zich wachten, wat niet meevalt voor een landarbeider die van dag tot dag leeft. Toch roemen talloze onderzoekers, politici en activisten in binnen- en buitenland het EGS als een van de beste programma's voor armoedebestrijding in India. De huidige discussie gaat dan ook over of het in de toekomst in het hele land toegepast zou kunnen worden, met de nodige verbeteringen.
Jazeker, roepen talloze particuliere organisaties in India in koor. Vooral de 'Recht op werk'-beweging in de staten Andhra Pradesh, West-Bengalen, Karnataka en Tamil Nadu dringt er bij hun deelstaatregering èn bij de centrale overheid op aan om soortgelijk programma's op te zetten. De voormalige regering van V.P. Singh zei al een nationaal werkgarantieprogramma te willen uitvoeren. Maar deze regering viel voordat ze haar belofte kon vervullen. De huidige regering van Narasimha Rao zegt geen geld te hebben om alle burgers recht op werk te geven. Voorlopig stopt ze een bedrag in het bestaande programma Jawahar Rozgar Yojana, dat zonder garantie op werk werkgelegenheid via openbare werken schept. Wel adviseert de centrale regering de deelstaten zelf een eigen versie van het EGS in Maharashtra te starten.
Het probleem is dat India met een enorme buitenlandse schuld kampt. Twee jaar geleden zat het land tegen het randje van een faillissement aan. De destijds aangetreden regering Rao liberaliseerde de economie en voerde forse bezuinigingen door om de Indiase economie weer in het spoor te krijgen en de schulden te kunnen aflossen. Een beleid dat de Wereldbank, het IMF en de Nederlandse regering ondersteunen. Premier Rao is er vorig jaar in geslaagd de crisis op de betalingsbalans te bedwingen, het tekort op de begroting te verminderen en de inflatie te beteugelen. De Nederlandse Landelijke India Werkgroep (LIW) vreest echter dat juist de Indiërs onderaan de maatschappelijke ladder de klos zijn bij dit beleid. LIW-medewerker Gerard Oonk: "Waar bezuinigd moet worden, staan sociale programma's bovenaan de lijst. Van de liberalisatie hebben de armen tot dusver niet geprofiteerd. De werkloosheid onder hen is zelfs toegenomen."
Werkgarantie voor de arme plattelandsbevolking is nuttig, beaamt ook de Wereldbank. Maar zo'n werkgarantie op nationaal niveau pakt nogal duur uit, zo blijkt uit haar onderzoek, terwijl de overheid juist krap bij kas zit. Vermenigvuldig maar eens al die miljoenen werkzoekenden met het inkomen dat ze moeten krijgen. En hoe hoog moeten die lonen komen te liggen? De Bank is van mening dat een garantie-inkomen beneden de officiële minimumlonen en de nog lagere marktlonen moet liggen. De werkgarantieprogramma's zouden anders arbeid wegzuigen van elders, en dat kan nooit de bedoeling zijn, vindt de Bank. Het Hoge Gerechtshof in India ziet echter geen reden om voor de werkgarantie af te wijken van de wettelijke normen voor het minimumloon. Vandaar dat de Wereldbank verdere besprekingen met de Indiase overheid over een werkgarantieprogramma heeft afgeketst.
"Een slechte zaak", noemt Gerard Oonk het. "Er zijn heus wel manieren om te zorgen dat werkgarantieprogramma's de juiste doelgroep treffen. Ze zijn misschien niet ideaal, toch vormen ze een belangrijk instrument om de armoede te bestrijden." Zijn club voert al drie jaar campagne om ontwikkelingshulp in India te besteden aan de invoering van werkgarantie. Landlozen profiteren nog te weinig van de huidige hulp, vindt Oonk.
Ondanks de bevindingen van de Wereldbank zag minister Pronk het idee van ombuiging van een deel van de Nederlandse hulp naar werkgarantie wel zitten. Vorig jaar stuurde hij een missie naar de deelstaten Gujarat en Andhra Pradesh. Deze kwam tot de conclusie dat vooral de autoriteiten van de deelstaat Andhra Pradesh vrij positief staan tegenover 'recht op werk'. Wel zou de Nederlandse bijdrage aanvullend moeten zijn. India zal zelf bereid moeten zijn het grootste deel te financieren. De aanbeveling van de missie was dan ook om voorlopig in een beperkt aantal districten van de deelstaten een proefproject op te zetten dat stap voor stap kan leiden tot een werkgarantieplan. De voorbereiding is inmiddels van start gegaan. "Maar het is een aanpak gericht op de lange termijn. De armste groepen in India hebben hiervan op korte termijn weinig te verwachten", stelt Ton Lansink, beleidsmedewerker voor India op Ontwikkelingssamenwerking. Om die reden heeft Nederland honderd miljoen gulden gegeven aan het 'sociaal vangnet' van de Indiase overheid. Dit programma dat in nauw overleg met de Wereldbank is opgesteld, is erop gericht de negatieve socale gevolgen van het aanpassingsprogramma te ondervangen.

Scheepsladingen
De Landelijke India Werkgroep probeert samen met andere Europese organisaties ook EG-instellingen warm te maken voor steun aan werkgarantieprogramma's. De reacties lopen behoorlijk uiteen. In een brief van de Europese Commissie die de LIW kreeg via Indiase niet-gouvernementele clubs staat dat "simpele programma's om de armen te voeden en te activeren alleen maar de problemen van morgen zullen verergeren". Armoede in India is een kwestie van stijgende bevolkingsaantallen, meent de commissie. Ze ziet daarom meer heil in educatie voor de armen, vooral vrouwen, want dat leidt tot minder kinderen. En voor de rest zal de liberalisering de problemen wel oplossen. "Een schunnige brief", reageert Gerard Oonk razend. "Wat er eigenlijk staat? Dat je de armen maar moet laten sterven."
Gelukkiger is hij met de positieve reactie van de Commissie Ontwikkelingssamenwerking van het Europees Parlement. Haar voorzitter en twee Nederlandse Europarlementariërs willen het idee nogmaals aankaarten bij de Europese Commissie en de Indiase Ambassade in Brussel. "Het gaat er ons niet eens zozeer om dat er een kolossale
Op zaterdag 17 april organiseert de Landelijke India Werkgroep in het CSB-Gebouw te Utrecht een manifestatie 'Werk tegen armoede' als afsluiting van haar campagne.
Voor meer informatie: LIW, Oudegracht 36, 3511 AP Utrecht, tel. 030-321340.
geldbuidel op tafel komt", zegt Oonk fel. "Maar we vinden wel dat het lot van 250 miljoen landarbeiders hoog op de politieke agenda moet komen. Helaas gebeurt dat in de praktijk meestal pas als ze met scheepsladingen hierheen komen om een beter bestaan te zoeken."

Schouderklopje
In zijn boek 'De Derde-Wereldbeweging' pleit Hans Beerends ervoor dat de richtlijn en het gezamenlijk uitgangspunt van de Noord-Zuidbeweging 'Internationale zekerheid en werkrecht' moet worden: een sociaal vangnet voor zieken, bejaarden, gehandicapten, gekoppeld aan recht op werk voor iedereen. De Landelijke India Werkgroep krijgt van Beerends een schouderklopje. Hij noemt haar campagne voor werkloze landarbeiders een "goed voorbeeld van een actie die het 'recht op werk' koppelt aan eisen gericht op de Nederlandse en internationale ontwikkelingshulp".



terug

LIW IN 'T NIEUWS

HOME Landelijke India Werkgroep

Landelijke India Werkgroep - 5 juli 2004