terug
Onderstaand artikel is gepubliceerd in: Trouw, 18 maart 1998      

Evenveel keurmerken als knoopstoelen

van:
redactie economie

AMSTERDAM - De Coalitie voor Tapijten zonder Kinderarbeid acht het 'Rugmark' voldoende betrouwbaar om de Nederlandse tapijtverkopers op te roepen meer tapijten met dit keurmerk te verkopen. Een Nepalese hulporganisatie betwijfelt echter of Rugmark Nepal dat vertrouwen wel verdient.
Vandaag voert de coalitie, met daarin onder meer Unicef Nederland, Novib, FNV en de Landelijke India Werkgroep in Utrecht acties bij Ikea, Kwantum en Roobol. De actie vindt bij deze ketens plaats, omdat zij nog niet - zoals Carpetland - tot de introductie van Rugmark-tapijt zijn overgegaan.
Het keurmerk moet garanderen dat kinderen onder de veertien jaar niet bij de productie betrokken zijn geweest. Rugmerk heeft volgens Novib-medewerker Harry de Vries, ondanks problemen in de beginjaren, nu een sluitend controlesysteem. Dat is ook de reden dat de ontwikkelingshulporganisatie nu haar naam verbindt aan een actie. De fabrieken in India krijgen net zoveel Rugmarklabels als ze knoopstoelen hebben, en daarbij wordt maandelijks tien procent van de fabrikanten met het keurmerk aan een onaangekondigde controle onderworpen.
Datzelfde systeem zou ook voor Rugmark Nepal moeten gelden. De Nederlandse hulporganisatie Profit for the World's Children en haar Nepalese partner Child Workers in Nepal (CWIN) vinden echter dat Rugmark Nepal in handen is van industriëlen die zelf kinderen in hun fabrieken laten werken. De eerste voorzitter van Rugmark Nepal heeft om die reden het veld moeten ruimen. En recent is ook gebleken dat de penningmeester kinderen in zijn fabriek onder zeer slechte omstandigheden aan het werk heeft. Het gaat daarbij om zanger, acteur en filmproducent Pradeep Singh, die tevens eigenaar is van de tapijtfabriek Istupa Carpet in Bouddha. Bij een toevallig bezoek aan de fabriek door een van de medewerkers van CWIN, werden zeker vijftig zeer jonge arbeiders aangetroffen die op basis van schuldcontracten werkten. Deze gebonden arbeid komt vaker in Azië voor, en geldt als een van de ergste vormen van kinderarbeid. In de fabriek zou ook sprake zijn van seksueel misbruik van meisjes.
De Novib neemt de klacht over Nepal serieus, en zal in mei, als in de Nepalese hoofdstad Kathmandu Rugmark International wordt opgericht, contact opnemen met CWIN. Dat de Nepalese organisatie via het nog kleine Profit for the World's Children aandacht vraagt voor de problemen bij Rugmark Nepal, is opmerkelijk. Vooral omdat sinds vorig jaar Unicef in het bestuur van Rugmark Nepal werd opgenomen.



Reactie op dit artikel (Trouw, 24 maart 1998)

In het artikel 'Evenveel keurmerken als knoopstoelen' in Trouw van 18 maart wordt beweerd dat de Nepalese organisatie CWIN en haar Nederlandse partnerorganisatie 'Profit for the World's Children' zouden vinden dat Rugmark Nepal in handen is van industriëlen die zelf kinderen in hun fabrieken laten werken. Bij een bezoek aan de fabriek van de penningmeester van de Rugmark Nepal Stichting zou CWIN 50 jonge kinderen hebben aangetroffen. CWIN heeft ons echter schriftelijk laten weten dat deze beschuldiging louter wordt geuit in een artikel dat, overigens anoniem, op 22 september 1997 in het Nepalese weekblad Sourya is gepubliceerd. Er is geen sprake van dat CWIN zelf kinderarbeid heeft geconstateerd in deze fabriek van de penningmeester van Rugmark Nepal. De voorzitter van 'Profit' liet ons schriftelijk weten zich eveneens te baseren op het artikel in Sourya en voegt daar aan toe: 'Ik sta geheel achter het concept van Rugmark en voorzover ik weet geldt dat voor CWIN hetzelfde'. Rugmark Nepal schreef mij naar aanleiding van de berichten in Trouw dat zij na de beschuldigingen in Sourya twaalf inspecties bij de penningmeester heeft uitgevoerd en geen werkende kinderen heeft gevonden. Volgens hen komt het bericht uit de koker van een van de tegenstanders van Rugmark, waaronder zich diverse tapijtexporteurs bevinden. Sourya heeft overigens geweigerd de bron van het artikel te noemen. De directeur van Unicef Nepal heeft laten weten dat het blad in de categorie 'riooljournalistiek' thuishoort. In november 1997 heb ik zelf een bezoek aan Rugmark Nepal gebracht. Ik heb een positieve indruk gekregen van zowel de inspectie als de opvang van de kinderen die vroeger in de tapijtindustrie hebben gewerkt.

Utrecht
Gerard Oonk, voorzitter Coalitie voor Tapijten zonder Kinderarbeid
(FNV, Kinderen in de Knel, Kerken in Aktie, Landelijke India Werkgroep, Novib, Unicef Nederland)



LIW IN 'T NIEUWS

Maatschappelijk verantwoord ondernemen

Kinderarbeid & Onderwijs

HOME Landelijke India Werkgroep

Landelijke India Werkgroep - 19 juni 2003