terug

Aan
mevrouw drs. M.J.G. Schuurmans
Campagnecoördinator Wereldburgers.nl
Prinsegracht 38
2512 GA DEN HAAG



DatumUw kenmerkOns kenmerkBijlage(n)
21-1-2003
BEB/HIB/IIB
03001410
1


Onderwerp
uw brief d.d. 12 november 2002

Geachte mevrouw Schuurmans,

Met belangstelling heb ik kennis genomen van uw brief d.d. 12 november 2002 waarin u terugkomt op de verschillende thema's die u eerder in het kader van het Regeerakkoord van Wereldburgers onder mijn aandacht heeft gebracht. Gezien mijn uitvoerige reactie van 30 september 2002 op diverse onderwerpen uit genoemd Regeerakkoord hoop ik te kunnen volstaan met een antwoord van meer algemene aard. De door u genoemde punten lenen zich mijns inziens goed voor thematische bespreking in het reguliere overleg met maatschappelijke organisaties. Ze zullen ook aan bod kunnen komen in het nog op te richten multistakeholdersplatform. Intussen zal uw platform worden uitgenodigd voor bestaand regelmatig overleg met maatschappelijke organisaties.

Ter aanvulling van de opmerkingen in mijn eerdere brief over de coherentie tussen nieuwe initiatieven op economisch terrein en doelstellingen op gebied van duurzaamheid en ontwikkeling wil ik erop wijzen dat het vooral afwegingsprocessen betreft. Duurzame ontwikkeling krijgt vorm doordat bij beleidsinitiatieven telkens zorgvuldig wordt rekening gehouden met economische, ecologische en sociale belangen. Evenals andere departementen rekent EZ het tot zijn missie om duurzame ontwikkeling op basis van deze drie pijlers te bevorderen. Dit uitgangspunt heeft de afgelopen maanden o.a. zijn weerslag gevonden in brieven aan het parlement over het Actieprogramma voor Duurzame Ontwikkeling (buza020477), over de Nederlandse inzet ter vergroting van de synergie tussen het landbouwbeleid en het ontwikkelingssamenwerkingbeleid (28 318, nr. 2) en over de voortgang en Nederlandse inzet in de lopende WTO-handelsronde (25 074, nr. 52).

Uw nieuwe opmerkingen over bindende regelgeving en zelfregulering bevatten nuttige overwegingen die bij de verdere beleidsontwikkeling op het gebied van maatschappelijk verantwoord ondernemen aan de orde moeten komen. Ook zal de overheid, daar waar nationaal of internationaal in goed overleg met alle stakeholders wordt gekozen voor bindende afspraken, serieus werk moeten maken van de handhaving ervan. Aan een eenmaal vastgelegd expliciet normatief kader zal geen bedrijf zich mogen onttrekken. Opleggen van regels aan bedrijven zonder dat de nagestreefde maatschappelijke waarden door het bedrijfsleven worden gedeeld c.q. als hun verantwoordelijkheid worden beschouwd, is niet effectief. De praktijk leert dat dergelijke regels zeer moeizaam zijn te handhaven en dus ook niet beantwoorden aan verwachtingen. Ook de verdere ontwikkeling van verantwoordelijkheidsbesef is naar mijn oordeel niet gebaat bij een 'top-down' opleggen van regels, maar veeleer met gezamenlijke groei naar verdere en aanvullende stappen. De energie van de overheid zou gestoken moeten worden in het scheppen van een breed draagvlak onder bedrijven voor maatschappelijk verantwoorde productiemethoden, opdat zij daartoe uit eigen beweging maatregelen treffen. Mijn beleid is primair gericht op een dergelijke cultuuromslag. Over de wegen waarlangs ik dit wil verwezenlijken, kunt u een en ander nalezen in mijn speech tijdens de Europese Business Marathon, Maatschappelijk Verantwoord Ondernemen, Utrecht 12 december 2002, die ik gemakshalve bijvoeg. Ik zou in het bijzonder uw aandacht willen vragen voor mijn initiatieven onder de noemer krachtenbundeling.

Ook kunt u in die speech nalezen welke vorderingen de afgelopen tijd zijn gemaakt en zullen volgen op andere terreinen die u aan de orde stelt. Zo heeft het Nationaal Contactpunt ter implementatie van de OESO-richtlijnen inmiddels een kwestie aangaande verantwoord produceren in India afgerond en zal EZ ervoor zorgen dat er medio 2003 een concreet plan van aanpak zal zijn voor verantwoord inkopen door de gehele overheid.

Met vriendelijke groeten,



mr.drs. J.G. Wijn
Staatssecretaris van Economische Zaken



terug

Maatschappelijk verantwoord ondernemen

HOME Landelijke India Werkgroep

Landelijke India Werkgroep - 1 april 2003