terug

Tweede Kamer der Staten-Generaal


Vergaderjaar 2004-2005



26 485 Maatschappelijk verantwoord ondernemen



Nr. 32 BRIEF VAN DE STAATSSECRETARIS VAN ECONOMISCHE ZAKEN

Aan de Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal

Den Haag, 22 maart 2005

1. Inleiding


1 Ter inzage gelegd bij het centraal Informatiepunt Tweede kamer.
In mijn brief van 26 oktober 2004 (Tweede Kamer, vergaderjaar 2004-2005, 26 485, nr. 29) berichtte ik u over het onderzoek op mijn verzoek van de VBDO (Vereniging van Beleggers voor Duurzame Ontwikkeling) naar de mogelijkheid en wenselijkheid van het introduceren van een Nederlandse duurzame beursindex. Dit onderzoek is in samenwerking met MVO Nederland, het Kenniscentrum voor Maatschappelijk Verantwoord Ondernemen (MVO), uitgevoerd en inmiddels afgerond. Bijgaand treft u het onderzoek aan1. Aanleiding voor dit onderzoek vormden de vragen van leden van uw Kamer over het introduceren van een duurzaamheidindex (2 020 313 290). Hieronder informeer ik u over de hoofdlijnen van dit onderzoek, de conclusies en aanbevelingen, en geef ik u mijn reactie.

2. Het onderzoek naar een Nederlandse duurzame beursindex

Onderzoeksopzet

Het onderzoek werd uitgevoerd in de 2e helft van 2004 en bestond uit literatuuronderzoek naar bestaande beursindices en een consultatie onder deskundigen op het gebied van duurzaam beleggen en/of MVO. Bevindingen en conclusies uit het onderzoek zijn tenslotte getoetst bij deskundigen. De volgende vragen stonden centraal in het onderzoek:

  • Is een Nederlandse duurzame index wenselijk? Wat is de toegevoegde waarde boven bestaande duurzame indices en andere instrumenten om MVO te stimuleren?
  • Is een Nederlandse duurzame beursindex haalbaar?
  • Welke alternatieve (beleggings)instrumenten om MVO te bevorderen kunnen geïdentificeerd worden?
Definitie en functies van een beursindex

Een duurzame index is een lijst van beursgenoteerde ondernemingen die relatief beter presteren op duurzaamheidgebied dan hun sectorgenoten. Het is een meetinstrument dat het koersverloop aangeeft voor beursfondsen die duurzaam ondernemen. Het effect van een dergelijke index op ondernemingen is zowel direct (o.a. positieve publiciteit) als indirect (vergelijken rendement van duurzaam beleggen met rendement van "regulier" beleggen). Een beursindex kan een stimulerende functie vervullen ten aanzien van MVO, duurzaam particulier beleggen, duurzaam institutioneel beleggen of duurzaam consumeren.

Bestaande beursindices

Op dit moment zijn de meest gebruikte duurzame beursindices de Dow Jones Sustainability Indexes (DJSI) en de FTSE4Good Indices. De DJSI bestaat onder andere uit drie regionale indices (Europa, Azië en Noord Amerika). De DJSI hanteert een "best of sector" benadering die leidt tot een ranglijst van de meest duurzame bedrijven. De FTSE4Good Indices werken met een duurzaamheiddrempel waarboven alle bedrijven worden opgenomen. De bedrijven worden niet onderling vergeleken. De FTSE4Good kent o.a. een Europese variant (FTSE4Good Europe Index). Naast de DJSI en FTSE4Good, worden de volgende duurzame indices in Nederland gebruikt:

  • de ASN Trouw-Index die wekelijks wordt gepubliceerd in het dagblad Trouw. Het universum van de index is opgebouwd uit 85 beursgenoteerde ondernemingen in Europa en de Verenigde Staten;
  • de Kempen/SNS Smaller Europe SRI-index. Dit is de eerste index die de prestaties van kleine ondernemingen in Europa op het gebied van MVO volgt;
  • de Ethibel Sustainability Index die internationaal is samengesteld;
  • de ASPI Eurozone index die de financiële performance van de leidende duurzame ondernemingen in Europa volgt;
  • de Domini 400 Social Index (DSI): de eerste duurzaamheidindex ter wereld.
Conclusies en aanbevelingen

Hieronder worden de belangrijkste conclusies en aanbevelingen uit het onderzoek toegelicht.
De geraadpleegde deskundigen onderkennen het stimulerende effect van bestaande duurzaamheidindices op het MVO-beleid van ondernemingen. Zij vinden echter wel dat er op dit moment in de bestaande markt voor duurzaam beleggen weinig behoefte is aan een nieuwe Nederlandse duurzame beursindex. Voor marktpartijen, zoals retailbeleggingsfondsen, die duurzaam willen beleggen zijn er voldoende instrumenten waardoor de meerwaarde van een nieuwe Nederlandse index beperkt is. Duurzame indices worden niet of nauwelijks gebruikt door institutionele beleggers zoals pensioenfondsen. Zij bepalen hun eigen beleggingsbeleid, waarin heel weinig fluctuaties plaatsvinden. Het rendement moet immers zo constant mogelijk zijn, met zo weinig mogelijk risico. Pensioenfondsen beleggen voor de lange termijn en zullen niet zomaar aandelen in bedrijven kopen en verkopen, ook niet vanuit duurzaamheidoogpunt. Een beursindex waarin alleen Nederlandse bedrijven opgenomen zijn, zullen beleggers niet gebruiken, beleggers zijn vrijwel altijd internationaal georiënteerd. Dit betekent dat de enige functie van een Nederlandse duurzame beursindex het promoten van duurzame ondernemingen bij het Nederlandse publiek zal zijn. Voor dit doel kan ook een niet-beursgerelateerd instrument, zoals een benchmark gebruikt worden.

Een belangrijke stimulans voor maatschappelijk verantwoord ondernemen is volgens de deskundigen te verwachten van enerzijds duurzaamheidverslaggeving door ondernemingen en anderzijds transparantie van institutionele beleggers over hun beleggingsbeleid. Voor duurzame beleggers zijn duurzaamheidverslagen essentieel, omdat hierin de informatie staat op basis waarvan een onderneming (mede) op haar duurzaamheidprestaties beoordeeld kan worden. Wat betreft duurzaamheidverslaggeving wordt geconstateerd dat de kwantiteit, kwaliteit en vergelijkbaarheid nog te wensen overlaat. De meningen over de wijze waarop duurzaamheidverslaggeving gestimuleerd moet worden lopen uiteen van vrijwillig tot verplicht. Voorop gesteld wordt het vereiste van voldoende kwaliteit van de verslaggeving.
De deskundigen vinden dat institutionele beleggers transparant moeten zijn over het beleggingsbeleid en over het gedrag ten aanzien van ondernemingen als (groot)aandeelhouder, het voeren van de dialoog met ondernemingen en het stemgedrag op aandeelhoudersvergaderingen. Hierbij wordt gewezen op het Verenigd Koninkrijk waar pensioenfondsen verplicht zijn verslag uit te brengen over hun beleggingsbeleid (Pensions Disclosure Act).

3. Mijn reactie

Uit het onderzoek komen onvoldoende signalen die wijzen op toegevoegde waarde van een Nederlandse duurzame beursindex. Er zijn al veel duurzaamheidindices beschikbaar en het stapelen van dit soort instrumenten is geen effectieve manier om MVO te bevorderen. Tegen deze achtergrond en met het oog op het belang dat ik hecht aan transparantie, het afleggen van verantwoording door bedrijven en een constructieve dialoog tussen de verschillende betrokken partijen, kom ik tot de volgende conclusies en acties als reactie op dit onderzoek.

Benchmarkinstrument

Als instrument om MVO te promoten, wordt een MVO-benchmark voor Nederlandse beurs- en niet beursgenoteerde ondernemingen als een geschikt instrument voorgesteld. Naast het toetsen op transparantie, is er vraag naar inzicht in de mate waarin door Nederlandse bedrijven MVO-activiteiten worden ontplooid. Dit inzicht zal de komende jaren onder andere gegeven worden via het Maatschappelijk Verslag van MVO Nederland (Tweede Kamer, vergaderjaar 2004-2005, 26 485, nr. 31).

Daarnaast wil ik bedrijven, beurs- en niet-beursgenoteerd, de mogelijkheid bieden om mee te doen aan een vrijwillige MVO-benchmark. Ik zal vooraleerst nader onderzoek laten doen naar de haalbaarheid en de wenselijkheid van zo'n instrument. De vorm en inhoud van een dergelijk instrument zal aan moeten sluiten bij reeds bestaande initiatieven waarbij de duurzaamheidprestaties van Nederlandse ondernemingen vergeleken worden.

Transparantie bedrijven

Ik onderschrijf het belang dat in het onderzoek wordt toegekend aan transparantie door bedrijven. De in 2004 door mij gestarte Transparantie-benchmark gaat de ontwikkeling op dit vlak de komende jaren bij bedrijven en maatschappelijke organisaties volgen. Ook ik constateer dat wat betreft kwantiteit en kwaliteit er nog een behoorlijke slag is te slaan op het gebied van duurzaamheidverslaggeving. Toepassing van instrumenten zoals de Handreiking van de Raad voor de Jaarverslaggeving en GRI moeten er toe leiden dat de onderlinge vergelijkbaarheid van duurzaamheidverslaggeving toeneemt.

Transparantie beleggers

Het onderzoek geeft aan dat institutionele beleggers een stimulerende rol kunnen spelen bij het bevorderen van maatschappelijk verantwoord ondernemen. Ik zal in overleg treden met de primair verantwoordelijke organisaties op het terrein van (duurzaam) institutioneel beleggen over de vraag hoe deze stimulans ten volle kan worden benut.

De Staatssecretaris van Economische Zaken,
C.E.G. van Gennip

KST85286
0405tkkst26485-32
ISSN 0921 - 7371
Sdu Uitgevers
's-Gravenhage 2005






Tweede Kamer, vergaderjaar 2004-2005, 26 485, nr. 32



pagina VERANTWOORD ONDERNEMEN
   

Landelijke India Werkgroep - 7 juni 2005