terug
Brief over "Mensenrechtennotitie": wat deed de Kamer er mee?

Op 7 december 2001 schreef wereldburgers.nl een brief aan de Vaste Kamercommissie voor Buitenlandse Zaken naar aanleiding van de behandeling van de Mensenrechtennotitie in Algemeen Overleg dat 13 december plaats vond. Twee onderwerpen werden in die brief aan de orde gesteld: kastendiscriminatie en maatschappelijk verantwoord ondernemen.

Beide onderwerpen werden in het overleg kort besproken. Tijdens de behandeling van de notitie passeerden een groot aantal onderwerpen vaak in sneltreinvaart de revue. Door de tijdsdruk bleven een flink aantal vragen van Kamerleden onnbeantwoord. Bert Koenders van de PvdA vroeg onder meer aan minister Herfkens - verwijzend naar de bilaterale ontwikkelingssamenwerking met India -hoe Nederland zich opstelt tegenover kastendiscriminatie, vooral na de ophef daarover tijdens de Wereld Racisme Conferentie in Durban, Zuid-Afrika. Minister Herfkens heeft daarop en op enkele andere vragen van Koenders geen antwoord gegeven. Koenders kwam daar vlak voor het einde van het overleg op terug en vroeg alsnog om beantwoording van zijn vragen, waaronder de vraag over kastendiscriminatie, op een later moment.

Farah Karimi van GroenLinks was van mening dat de passages over de rol van het bedrijfsleven bij het naleven wel erg vrijblijvend waren en vond dat daar meer werk van gemaakt moet worden. Zij verwees daarbij, overigens zonder deze te noemen, naar soortgelijke opmerkingen in de brief van wereldburgers.nl over het thema maatschappelijk verantwoord ondernemen. Over hetzelfde onderwerp vroeg Bert Koenders wat de rol van ambassades is, bijvoorbeeld bij het rapporteren over het gedrag van bedrijven. Wat is de instructie vroeg Koenders en kan het openbaar worden wat de ambassades daarover melden? Hij sloot daarbij direct aan bij de aanbeveling in de wereldburgers-brief om de ambassade-rapportage over dit onderwerp openbaar te maken. Herfkens antwoorde door te refereren aan diverse activiteiten van ambassades op MVO gebied, onder andere in Sudan en Ghana. Zij suggereerde dat de kamer maar met vragen moest komen over concrete gevallen.



pagina VERANTWOORD ONDERNEMEN

begin document

Landelijke India Werkgroep - 9 januari 2002